Over de haalbaarheid van drie opvallende keepersgeruchten
Ajax kijkt naar keepers uit een hogere salariscategorie, waardoor timing en marktomstandigheden cruciaal worden
De keepersmarkt van Ajax lijkt deze zomer niet alleen sportief interessant te worden, maar vooral financieel. Volgens een recente onthulling van Voetbal International staan drie opvallende namen op de radar in Amsterdam: Marc-André ter Stegen, Iñaki Peña en Mark Flekken. Drie keepers met totaal verschillende profielen, maar met één duidelijke overeenkomst: financieel lijken ze eigenlijk alleen haalbaar via een huurconstructie.
Dat zegt veel over waar Ajax momenteel staat op de transfermarkt. Niet zozeer qua transfersommen (daar lijkt eerder ruimte voor aanwezig te zijn), maar vooral qua salarishuis. Juist daar wringt het bij deze categorie keepers.
Budget voor een prioriteitspositie
Ajax kan best een significante investering doen voor een prioriteitspositie. Zeker omdat de keeperpositie intern als cruciaal wordt gezien, ook dus door Jordi Cruijff. Tegelijkertijd blijft het salarishuis een gevoelig dossier. Ajax probeert de kostenstructuur juist flexibeler te maken en heeft nog meerdere posities in te vullen. Dan wordt het lastig om een uitzonderlijk hoog keeperssalaris neer te leggen.
Ter vergelijking: de afgelopen zomer aangetrokken spelers als Kasper Dolberg en Oscar Gloukh zouden in de orde van grootte van €1,5 tot €2 miljoen per jaar zitten, terwijl Steven Berghuis daar net onder zit. Dat zijn al salarissen aan de bovenkant van het Ajax-spectrum. Bij de drie genoemde keepers liggen de verhoudingen compleet anders.
Lees hier meer over salarissen van de huidige Ajax-selectie die je online vindt
Ter Stegen in (financieel) conflict met Barcelona
Vooral de situatie rond Ter Stegen is fascinerend. De Duitser verdiende bij FC Barcelona jarenlang salarissen waar bedragen van zo’n €15 miljoen bruto per jaar aan worden gekoppeld. Dat is ver buiten de Ajax-categorie, misschien wel tienvoudig met Nederlandse belastingen. Toch maakt juist die extreme salarisdruk hem interessant.
Werkweigering rondom medisch dossier
Barcelona zit namelijk nog altijd gevangen in de strenge La Liga salary cap-regels. De club probeert al jaren salarissen, afschrijvingen en registratieruimte te balanceren. Rond Ter Stegen speelde vorig seizoen zelfs een conflict over zijn medische dossier. De Duitser weigerde aanvankelijk het medische rapport te ondertekenen waarmee Barça extra salarisruimte wilde creëren via de regels rondom langdurige blessures (80% reductie).
Dat leverde hem volgens Spaanse media bijna een disciplinaire straf, boete en zelfs tijdelijke schorsing op. Uiteindelijk kwam de situatie alsnog “goed” voor Barcelona en kreeg de club ruimte om nieuwe spelers te registreren binnen de salary cap-constructies van La Liga. Saillant: nieuwe keeper Joan García werd zo speelgerechtigd.
Extreme huurconstructie
Die context verklaart ook waarom Girona afgelopen seizoen slechts een klein deel van zijn salaris betaalde tijdens zijn huurperiode. Spaanse media schreven dat Barcelona ongeveer 90 procent van zijn loon bleef dragen. Zo kreeg Ter Stegen alsnog een kans om zich in de WK-selectie te spelen voor Duitsland, ware het niet dat hij na rugblessure (van het medische dossier) in februari opnieuw zwaar geblesseerd raakte aan zijn hamstring en waarschijnlijk pas in het nieuwe seizoen weer fit is.
Daarbovenop kwamen geruchten dat Barcelona zelfs bereid zou zijn Ter Stegen een volledig jaarsalaris mee te geven om zijn contract (dat nog loopt tot 2028) voortijdig te ontbinden. Daarmee zou hij transfervrij worden. Het probleem voor Barça lijkt echter dat Ter Stegen vooral vasthoudt aan het volledige bedrag dat hem contractueel nog toekomt. Dat maakt een snelle oplossing ingewikkeld.
Sportief zit de Duitser bovendien in een vreemde fase van zijn carrière. Hij gaat niet mee naar het WK met Duitsland, is inmiddels 34 jaar en beseft waarschijnlijk dat het aantal topopties langzaam beperkter wordt. Tegelijkertijd is hij nog altijd een keeper van hoog niveau met internationale status. Dat maakt hem interessant voor clubs die tijdelijk een topkeeper zoeken, maar ook lastig betaalbaar.
Weinig haalbare opties voor Ajax
Wordt het opnieuw verhuur, dan lijkt het onrealistisch dat Barcelona opnieuw 90% gaat dragen en wordt het snel onbetaalbaar voor Ajax. Wordt zijn contract ontbonden, dan zijn er veel kapers op de kust met betere salarismogelijkheden en spelend op een hoger (Europees) niveau.
Een kleine nuance die mogelijk meespeelt: Girona-trainer Míchel geldt als kandidaat bij Ajax en werkte recent nog met Ter Stegen samen. Of dat echt invloed heeft, valt lastig in te schatten, maar het netwerk speelt in dit soort deals vaak wel een rol.
Moet Ajax de creatieve, financiële constructies van Barcelona volgen?
Peña realistisch, maar afhankelijk van Barcelona
Iñaki Peña lijkt daarom de meest realistische Barça-route. Zijn salaris ligt aanzienlijk lager (naar verluidt ongeveer €2 tot €2,5 miljoen bruto per jaar) en past meer binnen Ajax-verhoudingen, al blijft ook dat stevig.
Peña verlengde onlangs nog bij Barcelona, werd een jaar uitgeleend aan Elche CF, wat juist huur logischer maakt dan een definitieve transfer. Barça behoudt controle over een eigen opgeleide keeper, terwijl Ajax tijdelijk kwaliteit kan binnenhalen zonder een enorme transfersom.
Zijn perspectief hangt sterk samen met de keeperspuzzel in Barcelona. Joan García lijkt daar de beoogde nummer één te worden, terwijl Barcelona daarnaast moet kiezen tussen Wojciech Szczęsny of Peña als reservekeeper. Daarachter staan er bovendien nog enkele talentvolle jonge keepers klaar als derde optie. Precies daardoor voelt Peña momenteel als een speler die vooral afhankelijk is van keuzes boven hem.
Flekken niet onlogisch, maar te duur
Dan is er nog Mark Flekken. Sportief misschien wel de meest logische naam van de drie, financieel waarschijnlijk de minst haalbare. Bayer 04 Leverkusen betaalde vorig jaar een forse transfersom voor de Oranje-international (zo’n €11 miljoen), die bovendien een Bundesliga-salaris heeft dat ver boven Ajax-niveau ligt. Naar verluidt zo’n €4 of 5 miljoen per jaar. Een definitieve transfer lijkt daarom nauwelijks realistisch.
Wel ontstaat er bij Leverkusen een interessante situatie door de komst van een nieuwe trainer. Daardoor ontstaat automatisch onzekerheid én kans. Momenteel staat Flekken bij zijn club onder druk, maar zijn selectie voor het huidige WK lijkt veilig; Ronald Koeman ziet hem nog altijd als vaste optie voor Oranje. Daardoor spelen zijn overwegingen waarschijnlijk meer op clubniveau dan op interlandniveau.
En juist daar wringt Ajax mogelijk. Leverkusen speelt sowieso Europees voetbal in de Europa League, terwijl Ajax zelfs het risico loopt helemaal geen Europees voetbal te halen of hooguit Conference League te spelen. Mocht Flekken vertrekken, dan ligt het voor de hand dat hij mikt op een club met Champions League- of Europa League-voetbal.
Alleen als hij bij Leverkusen buiten beeld raakt bij de nieuwe trainer én een huurconstructie ontstaat, zou Ajax laat in de markt een kans kunnen krijgen. Dan zal Leverkusen wel mee moeten werken qua salaris en een deel voor hun rekening moeten nemen.
Afhankelijkheid voor topkandidaten
En precies daar lijkt de kern van dit keepersdossier te liggen: Ajax is bij dit kaliber keepers afhankelijk van de keuzes en financiële problemen van grotere clubs. Niet alleen Barcelona, maar ook Leverkusen of andere Europese topclubs die later in de markt moeten schuiven met salarissen, registraties of hiërarchieën.
Dat maakt huren momenteel de meest logische route voor Ajax bij dit soort kandidaten. Maar ook dat betekent vaak ook geduld. Zulke constructies ontstaan zelden vroeg in de zomer. Eerst moeten grotere clubs hun selecties ordenen, trainers keuzes maken en salary cap-puzzels opgelost worden. Pas daarna ontstaat ruimte voor opportunistische deals.
Lees meer over huren en transfervrije spelers en de impact ervan
Dat timing-aspect is voor Ajax bovendien ongunstig. Met mogelijke voorrondes voor de Conference League én een eventuele nieuwe trainer die zo snel mogelijk duidelijkheid over zijn selectie wil, ontstaat juist behoefte aan vroege stabiliteit. De realiteit van deze keepersmarkt lijkt echter precies het tegenovergestelde: wachten tot later in het transferwindow en hopen dat de puzzel bij grotere clubs de goede kant op valt.




