De Club Kennen (1) - waarom Ajax steeds opnieuw vastloopt
Hoe ‘de club kennen’ een bestuursprincipe werd, en een probleem
‘De club kennen’ als vanzelfsprekendheid
Bij Ajax klinkt het bijna als een axioma:
bestuurders, commissarissen en directieleden moeten de club kennen.
Het begrip wordt gebruikt bij benoemingen, bij evaluaties, bij crises.
Ajax-DNA. Gevoel voor de club. Begrip van de historie.
Het idee daarachter is logisch. Ajax is geen gewone organisatie. Het is een club met een uitgesproken identiteit, een grote achterban, een sterke jeugdopleiding en een geschiedenis die zwaarder weegt dan bij vrijwel elke andere Nederlandse instelling.
Maar in de praktijk betekent het vaker dat iemand mensen ín de club moet kennen.
De grootste ironie is misschien nog wel dat uit alle crises, fouten en problemen blijkt dat niemand de club goed genoeg kent om het daadwerkelijk bestuurbaar te maken.
Dit maakt dat de club kennen een problematisch uitgangspunt geworden. Het functioneert tegelijk als kwaliteitscriterium en legitimatie, vaak als poortwachter, maar niemand lijkt de club echt te kennen.
En precies daar begint het governance-probleem.
Over deze reeks
Deze reeks is tot stand gekomen op basis van gesprekken en schriftelijke interviews met journalisten, academici en kenners van het Europese voetbal uit onder meer Duitsland, Portugal, Spanje, Scandinavië en Nederland.
Zij werden benaderd vanwege hun specifieke kennis van bestuursmodellen, ledenstructuren en besluitvorming bij clubs als Borussia Dortmund, Bayern München, Sporting CP, Athletic Club Bilbao, FC Copenhagen en andere vergelijkbare organisaties.
De inzichten uit deze gesprekken zijn gecombineerd met documentanalyse, jaarverslagen en bestaande onderzoeken, en vormen samen het kader voor deze artikelenreeks.
1. Een uniek bestuursmodel, maar zonder scherp kader
Ajax is bestuurlijk een hybride constructie:
een beursgenoteerde NV,
met een Vereniging Ajax als grootaandeelhouder,
een Raad van Commissarissen (RvC) als toezichthouder,
en een directie die formeel verantwoordelijk is voor beleid en uitvoering.
Op papier is dat overzichtelijk. In de praktijk schuiven rollen regelmatig over elkaar heen.
De Vereniging heeft formeel beperkte bevoegdheden, maar aanzienlijke informele invloed.
De RvC moet onafhankelijk toezicht houden, maar bestaat vaak uit mensen die de club van binnenuit kennen.
De directie moet professioneel opereren, maar doet dat in een context waar cultuur, sentiment en historie voortdurend meekijken.
Het gevolg is geen chaos, maar structurele ambiguïteit:
bij succes werkt het systeem mee,
bij tegenslag wordt het een probleem.
2. Patronen, geen incidenten
De afgelopen twintig jaar laten een duidelijk patroon zien.
De Commissie Coronel (2008) stelde al vast dat Ajax last had van versnipperde verantwoordelijkheden en informele machtscentra.
De Fluwelen Revolutie (2011) bracht sportieve hervormingen, maar liet de bestuurlijke architectuur grotendeels intact.
De jaren na Ten Hag maakten zichtbaar hoe kwetsbaar het systeem is wanneer sportief succes wegvalt: toezicht faalt, rollen vervagen, ingrepen volgen elkaar snel op.
Steeds opnieuw blijkt dat problemen zelden op zichzelf staan. Ze komen voort uit een bestuursmodel dat sterk leunt op personen en cultuur, maar weinig institutionele houvast biedt.
3. Wat betekent ‘de club kennen’ eigenlijk?
Het probleem zit niet in het idee zelf, maar in de onduidelijkheid ervan.
De club kennen kan betekenen:
de geschiedenis begrijpen,
de spelopvatting kennen,
weten hoe de achterban denkt.
Dat is vooral het verhaal dat naar de buitenwereld geschetst wordt. In de praktijk gaat het erom dat de club jou kent, dus dat je simpelweg onderdeel bent van het netwerk.
‘De club kennen’ wordt vaak geopperd, maar het wordt in de praktijk flexibel toegepast. Soms als kwaliteitskenmerk, soms als rechtvaardiging, vaak als uitsluitingsmechanisme of politiek instrument.
Of dus als bepalende succesfactor.
Maar wie kent de club nu echt? Wie kan de structurele problemen, die altijd op de achtergrond en regelmatig op de voorgrond aanwezig zijn, oplossen vanuit het echt begrijpen van hoe de club functioneert?
Blijkbaar nog altijd niemand kent de club goed genoeg, gezien het ontbreken van succes. De definitie van ‘de club kennen’ blijft een enigma.
Daarmee wordt identiteit geen fundament, maar een variabele.
4. Waarom dit geen Ajax-specifiek vraagstuk is
Het interessante is: Ajax is hierin niet uniek.
Veel Europese clubs worstelen met dezelfde spanning:
tussen identiteit en professionaliteit,
tussen ledeninvloed en bestuurlijke slagkracht,
tussen cultuur en toezicht.
Het verschil zit niet in het bestaan van die spanning, maar in hoe clubs die organiseren.
Sommige clubs kiezen voor duidelijke institutionele kaders.
Andere laten meer ruimte voor informele processen.
Ajax bevindt zich daar ergens tussenin, en precies dat maakt het kwetsbaar.
5. De centrale vraag van deze reeks
Deze reeks vertrekt daarom niet vanuit oplossingen, maar vanuit één fundamentele vraag:
Wat betekent ‘de club kennen’ als je het serieus neemt als bestuursprincipe?
Is het:
een cultureel kompas?
een selectiecriterium?
een democratisch uitgangspunt?
of juist iets dat bestuurlijk begrensd moet worden?
Om die vraag te beantwoorden, is het noodzakelijk om verder te kijken dan Ajax alleen.
6. Vooruitblik: lessen buiten Amsterdam
In de komende delen van deze reeks kijken we hoe andere clubs hiermee omgaan:
Duitse clubs waar verenigingen formeel sterk zijn ingebed.
Portugese clubs waar ledenmacht en professionalisering samengaan.
Athletic Club Bilbao, waar identiteit een expliciet bestuursinstrument is.
Andere modellen, waaronder Scandinavische clubs, Anderlecht en ook de Nederlandse context.
Niet om modellen te kopiëren, maar om scherp te krijgen welke keuzes Ajax eigenlijk maakt — en welke niet.
7. Waarom buiten Ajax kijken onvermijdelijk is
Wie deze problematiek alleen als een Ajax-kwestie ziet, mist de kern. Vrijwel elke grote voetbalclub worstelt met dezelfde spanningen: tussen identiteit en professionaliteit, tussen ledeninvloed en slagkracht, tussen cultuur en toezicht.
Het verschil zit niet in het bestaan van die spanningen, maar in de manier waarop clubs ze institutioneel hebben opgelost, of juist niet.
Daarom is deze reeks niet alleen een analyse van Ajax, maar ook een vergelijking. Pas door Ajax naast andere clubs te leggen, wordt zichtbaar welke keuzes structureel zijn en welke vermijdbaar.

